De Koran vertaald door Kader Abdolah
De Koran
Kader Abdolah


Tweede druk
Deze vertaling is gebaseerd op de Arabische versie van de Koran en op een aantal Perzische en Nederlandse vertalingen.

Nederlandse vertaling © Kader Abdolah, 2008
Omslagontwerp Berry van Gerwen
Omslagillustratie © Jerónimo Alba/BrunoStock
Druk Koninklijke Wöhrmann bv, Zutphen
ISBN 978 90 445 0913 7
NUR 301

Niets uit deze uitgave mag verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van De Geus bv, Postbus 1878, 4801 BW Breda, Nederland. Telefoon: 076 522 8151. Internet: www.degeus.nl


Inleiding
Allah is alwetend, zegt Mohammad.
Kader Abdolah is onwetend.
Ik heb het boek met veel liefde behandeld, want het was het boek van het huis van mijn vader en van geliefde mensen die ik persoonlijk gekend heb.
Als iets in mijn uitleg en verwerking niet klopt, dan is dat te wijten aan mijn onwetendheid en aan mijn liefde voor het proza van Mohammad. Ik gebruik de naam Mohammad zoals hij in de Koran geschreven wordt, en uit respect voor de profeet.

Deze vertaling kunt u zien als een wandeling door de Koran: ik heb geprobeerd u als lezer mee te nemen naar alle hoeken van het boek. Er bestaan al vijf vertalingen in het Nederlands. U kunt die natuurlijk altijd raadplegen. Ik buig mijn hoofd voor de enorme inspanningen van de vertalers.
Ik heb hun werk altijd gekoesterd, met respect behandeld en het een mooie plek in mijn bibliotheek gegeven.

Ik moet hier ook een paar dingen bekennen:
Het is onmogelijk om de Koran te vertalen; de schoonheid van Mohammads taal gaat in dat proces verloren.
Alle zinnen van de Koran zijn suggestief. Je kunt ze op verschillende manieren vertalen, en je maakt fouten.
Ik beken dat ik veel fouten gemaakt heb. Het kon ook niet anders. Zonder die fouten kon ik niet door.

Er zijn veel onduidelijkheden in de Koran, maar ik heb er alles aan gedaan om de teksten een beetje duidelijker te maken.
Ik vind het heel jammer dat ik de oorspronkelijke smaak, de geur en het gevoel van de woorden van Mohammads vertelling niet aan u kan meegeven. Toch heb ik een gat in de muur gemaakt waardoor u nu naar de tuinen van Mohammad kunt kijken.
Het doet Kader Abdolah goed dat hij zo iets van het goddelijke proza van Mohammad aan zijn lezers kan laten zien. Geniet ervan.

De werkwijze
Ik heb het boek rechtstreeks uit de oorspronkelijke Arabische Koran van mijn vader vertaald.
Steeds als ik een zin had vertaald, bekeek ik direct vier Perzische vertalingen en vervolgens de vijf Nederlandse vertalingen.
Daarnaast heb ik de vijfdelige middeleeuwse uitleg van de grote korankenner Tabari geraadpleegd en als basis gebruikt. Bij alles wat ik niet begreep, zocht ik naar zijn mening, want zijn oordeel was altijd puur en oorspronkelijk.
Als ik er dan nog niet uit kwam, pakte ik de telefoon en vroeg ik mijn bejaarde oom Aga Djan om advies.
Zonder zijn interpretaties en uitleg zou ik verdwaald zijn in het boek.
Naast hem heb ik ook de oeroude gelovige mannen en vrouwen van de familie geraadpleegd, de mannen en vrouwen die als oude bomen zijn, bomen die bij harde wind als eerste op de grond zullen vallen.
Ik dank hen, ik dank hen voor hun grote harten.

De volgorde van de hoofdstukken, de soera's
In de Koran komen vele herhalingen voor.
Dat hoort bij het karakter van het boek. De Koran is een vertelling, en hij was bedoeld voor de analfabete mensen. De herhaling was noodzakelijk in die tijd.
Hoewel ik veel herhalingen heb weggehaald, bleef een deel van de herhalingen onvermijdelijk.

Ik heb een viertal buitengewone beslissingen genomen.
Mohammad heeft twee soorten vertellingen of soera's.
De eerste zijn de vertellingen ontstaan tijdens zijn verblijf in Mekka en de tweede zijn de vertellingen ontstaan tijdens zijn verblijf in Medina.
Er zijn tweeëntachtig soera's uit Mekka en tweeëndertig uit Medina.

De samenstellers van de Koran hebben alle soera's door elkaar gehaald, zodat de historische volgorde verdwenen is. Daardoor ontstaat er een soort chaos in het boek, maar die chaos creëert wel een goddelijke sfeer.
Ik heb de soera's terug in hun historische volgorde gezet, opdat we de ontwikkeling van Mohammad en zijn Koran beter kunnen volgen.

Daarnaast heb ik voor de meeste soera's een inleiding geschreven om de weg naar de kern van de tekst makkelijker te maken.
Omdat de vertaling van de Koran op deze manier alleen hier mogelijk was, heb ik voor het eerst in 1400 jaar het boek van een andere omslag voorzien: een mooie roodbruine Hollandse tulp.
Om de nieuwe identiteit van het boek te onderschrijven, heb ik vijf elementen toegevoegd die aan het begin van elke soera staan: de koe, de tulp, de windmolen, de regen en de klomp.
Ter vereeuwiging van mijn proza, heb ik een soera aan de Koran toegevoegd, soera 115.
Ik wil meteen bekennen dat mijn werk in de lijn van de oude Perzische literatuurtraditie ligt.
Grote Perzische meesters als Hafez, Saadi, Khayam en Rumi hebben de Koran elk op hun eigenzinnige manier uitgedragen.

Tot slot.
De Koran is de afgelopen veertienhonderd jaar de inspiratiebron geweest van de grote oosterse dichters, schrijvers en architecten. De wortels van de gehele Arabische en oosterse literatuur liggen diep in dit boek.
De Nederlandse vertaling van de Koran kan op haar beurt een bijdrage leveren aan de Nederlandse literatuur. Tot nu toe hebben de Nederlandse schrijvers, dichters en kunstenaars hun inspiratie in de Bijbel gezocht, nu mogen ze de Koran erbij pakken. Het is een oud en geheimzinnig oord voor hen.
Het proza van deze vertaling is het proza van Mohammad ebne Abdollah en Kader Abdolah samen. Het is anders dan wat men gewend is in de Lage Landen.
Ik wens u een goede reis door de Koran en door het boeiende leven van Mohammad.
Lees, en bewonder het.
Dat Mohammad ebne Abdollah blij moge zijn met deze vertaling.

Met ontzag en trots.

Kader Abdolah

1
De gesloten druppel

Al jaren wachtte Mohammad op een teken van boven.
Hij dacht dat Allah op de zevende verdieping van de hemel woonde, dat Hij hem zag en hem als boodschapper zou kiezen. Mohammad werd veertigen nog altijd wachtte hij ongeduldig, maar blijkbaar dacht niemand in de hemel aan hem.

Op een nacht zat hij weer in afwachting op de top van de berg Hera. Toen hij in een moment van ontroering naar de lucht keek, zag hij een straal licht als een vallende ster op hem afkomen.
Het licht nam de gedaante aan van een engel met vleugels en landde naast Mohammad op de rots.
Het was de engel Ghabriël, de bode van Allah!
Geschrokken stond Mohammad op.
De engel toonde hem een korte tekst en zei: 'Eqra Mohammad! Lees voor!'
'Ik kan het niet', antwoordde Mohammad.

De soera spreekt ook over een vijand van Mohammad, Aboe Djahl. Hij gooit een steen naar Mohammad en verwondt diens hoofd als hij aan het bidden is.


In de naam van Allah
Hij is lief
Hij geeft
Hij vergeeft